Recensie | Ze Noemen Me Baboe (Immy Verdonschot)

Ze Noemen Me Baboe behaalde afgelopen week de status van Kristallen Film (10.000 bezoekers). Daarmee is het de eerste film van 2020 die deze status behaalt. Wat maakt deze documentaire zo bijzonder?

Titel: Ze Noemen Me Baboe
Regisseur: Sandra Beerends
Cast: (zonder acteurs, volledig uit archiefbeeld gemaakt)
Scenario: Sandra Beerends
Genre: Documentaire
Speelduur: 78 minuten
Releasedatum: 28 november 2019

In Ze Noemen Me Baboe verbeeldt regisseur Sandra Beerends het boeiende levensverhaal van de Javaanse Alima. Op de vlucht voor een gedwongen huwelijk vindt Alima in de jaren veertig werk als baboe (kindermeisje) voor een Nederlandse familie. Ze reist met hen mee naar Nederland, waar ze wordt beïnvloed door Indonesische studenten die dromen over een onafhankelijk Indonesië.

Een persoonlijk verhaal

Sandra Beerends wist van baboes af, vrouwen die in Nederlands-Indië werden aangenomen om voor de kinderen van welvarende Nederlanders te zorgen. Soms werden ze zelfs meegenomen naar Nederland. Op basis van vele gesprekken met (oude) baboes schreef Beerends het verhaal van deze documentaire. Een verhaal dat symbool staat voor de verhalen van de baboes als beroepsgroep, de spil van Nederlandse gezinnen zonder er echt bij te horen. Het hoofdpersonage werd Alima, een Javaanse kindermeisje. Het bijzondere is dat al het beeldmateriaal zo perfect past, dat je amper door hebt dat het verhaal ‘fictief’ is. Kun je Ze Noemen Me Baboe dan nog wel een documentaire noemen? Het korte antwoord is ja. Want op basis van alle gesprekken en in combinatie met juist dit beeldmateriaal had het net zo goed een documentaire kunnen zijn in de vorm van interviews. Het feit dat dit in deze film niet het geval is, dat maakt het zo bijzonder. Wat Beerends daarnaast ook heel goed doet, is het verwerken van de geschiedenis van Nederlands-Indië. Een veranderende wereld van studenten die onafhankelijkheid willen en de Tweede Wereldoorlog die loyaliteitsconflicten naar voren brengt. En dat allemaal met archiefmateriaal.

Ze Noemen Me Baboe

Amateurbeelden

Vroeger had lang niet iedereen een eigen camera. Maar sommige families wel, zo ook in Nederlands-Indië. Het is dankzij deze beelden, gefilmd in tuinen, op familiefeestjes, maar ook op willekeurige dagen, dat Beerends haar film kon maken. Meer dan 500 (amateur)films heeft ze afgestruind om haar verhaal te kunnen vertellen. Hoewel je af en toe kan zien dat er toch echt andere mensen in beeld zijn, leidt het niet af van het verhaal. Je weet dat de film uit archiefmateriaal is samengesteld, maar alles sluit inhoudelijk zo op elkaar aan dat je je er alleen maar over kan verbazen hoe goed dit verhaal wordt verteld. Zelfs de sfeerbeelden passen perfect en de verwondering hiervoor wordt alleen maar groter wanneer je je realiseert dat vrijwel alle beelden geen geluid hebben.

Ze Noemen Me Baboe

Van een voice-over tot tjilpende vogels

Beerends schreef het verhaal in het Nederlands, vertaalde het en liet een Indonesiër de voice-over inspreken. Gedurende de film praat Alima met haar vroeg overleden moeder, die ze nog altijd bij zich voelt. Dit geeft het verhaal een rode draad door heel de film en de stem zorgt voor authenticiteit. Je twijfelt geen moment aan de oprechtheid van het verhaal, omdat Alima je meeneemt in alles wat ze voelt, denkt en meemaakt. Zelfs het geluid op de sfeerbeelden is erbij gemaakt en het zijn juist dat soort regie- en productie keuzes die de film zo’n prachtig geheel maken.

Ze Noemen Me Baboe is als geen andere film of documentaire die je eerder hebt gezien. Het is een bijzondere maker die uit gesprekken en archiefmateriaal zelf een verhaal weet samen te stellen dat feilloos in elkaar overgaat en je kan laten geloven naar een film te kijken. Deze film verdient alle eer en als je nog de kans krijgt om de documentaire te zien, dan moet je hem niet aan je voorbij laten gaan.

★★★★1/2

Immy Verdonschot